Aankomst
Er wordt duidelijk gewerkt aan de aankomsthal van Zanderij. In de toekomst zullen er veel meer loketten zijn. Voorlopig moeten we het echter doen met de twee die we gewend zijn. De rij voor de paspoortcontrole vordert snel.’Dit is een on-Surinaams tempo,’zeg ik tegen mijn buurman in de rij. Hij glimlacht, maar is duidelijk niet onder de indruk.’Straks worden ze moe van het optillen en drukken van die stempel en dan is het afgelopen. Ik lach, maar even later lijkt hij gelijk te krijgen. Als we eindelijk in de hal komen waar de bagage gehaald wordt, zie ik tot mijn verbazing een nieuwe bagageband. Nu zal je je koffer wel veel sneller hebben, denk ik. Helaas niet. Ach, als ik eindelijk mijn koffer heb en langs de douane naar buiten loop, ben ik alles weer vergeten. Ik ben weer thuis. Mijn moeder, vader en de buurman zijn mij op komen halen. De buurman rijdt en mijn vader zit naast hem. Ik zit met mijn moeder achterin. Als we het terrein van de luchthaven verlaten, rennen meisjes die dosi verkopen met de auto mee. De verkooptechnieken zijn in de loop der jaren wat agressiever geworden. Een meisje bungelt de zakjes dosi voor de neus van mijn vader die voorin zit.’Steun me no schatje,’ vraagt ze.’Sorry poppetje,’ antwoordt mijn vader,’ik ben niet de sociale dienst.’ De volgende verkoopster maakt een zoenend geluid naar mijn vader en steekt haar hoofd half de auto in. ‘Schatje, dit zijn de laatste,’ zegt ze.’Dan wil ik ze niet,’zegt mijn vader en hij keert zich grinnikend naar de buurman. ‘We zijn die ene column van je niet vergeten,’zegt mijn moeder,’je schreef hoe slecht je kon slapen door al die geluiden. (Ik schreef toen hoe de haan van de buurman, onze papegaai, de honden van de buurman en de buurman zelf met zijn luidruchtig gegorgel, mij uit mijn slaap hielden.) ‘We hebben vier hanen geslacht, de papegaai hangt nu beneden en de buurman gaat ook rekening met je houden,’zegt ze in één adem. ‘Jullie moeten die dingen die ik schrijf niet zo zwaar opvatten,’zeg ik,‘buurman, maak je niet druk hoor.’De buurman lacht smakelijk.’Mijn broer in Holland las het stukje op internet en wist direct dat het over mij ging,’zegt hij,’hij heeft het mij laten lezen.’ Zijn lach is zo uitbundig dat ik concludeer dat hij het sportief opvat. ‘Naar mijn hond moet je zelf maar even kijken,’zegt hij, ‘want dat beest heeft iets aan haar oren. Ze krabt en dan jankt ze.’ Geen probleem,’zeg ik. Ik voel mij toch een beetje schuldig. Wij rijden over het pad van Wanica, dat nu de Indira Ghandiweg heet. (Waarom geven ze in Suriname alle belangrijke wegen nieuwe namen? Niemand gebruikt ze.) Het wordt langzaam donker. Zoals altijd als ik aankom kijk ik naar buiten en hoop dat het nog even licht blijft. Er is zoveel te zien. Als je net aankomt is alles zowel vreemd als vertrouwd. Het is al donker als er een bus voor ons stil blijft staan op de linkerweghelft. Op het fietspad zie ik wild gebarende gedaanten. Pas als we dichterbij komen zie ik dat het twee mannen zijn die vechten. Beiden hebben een voorwerp in hun hand, waarmee ze wild naar elkaar uithalen. Het is te donker om te zien of het stukken hout zijn of messen. De felheid waarmee ze uithalen is eng. Wie geraakt wordt zal bloeden. Mannen die er omheen staan schreeuwen de vechters toe. Af en toe probeert een omstander één van de vechters vast te pakken en hem tegen te houden. De mannen zijn echter buiten zinnen en niet te houden. Een auto rijdt het fietspad op in een poging om het gevecht te stoppen. Door de stilstaande bus ontstaat een verkeersopstopping.’Mijn god, rij snel door,’zegt mijn moeder tegen de buurman, die de auto door de chaos manoeuvreert. Mijn vader en de buurman vloeken wat, maar maken zich verder niet druk. Als we de vechtende mannen passeren, kijk ik achterom. Een van de mannen springt in de lucht en haalt woest uit in een poging zijn tegenstander te overbluffen. Even lijkt het allemaal niet echt, maar op een soort toneelstuk. We rijden verder en al gauw zijn we in de stad. Ik kijk naar buiten. Een eenzame krantenverkoper, een slapende zwerver, een rondscharrelende straathond. Het lijkt erop dat Paramaribo zich klaarmaakt voor een rustige nacht. Ik weet wel beter.
Berichten in het onderdeel "Nieuws uit Nederland" zijn afkomstig van andere media of ingezonden. Dagelijks verschijnen er berichten in de Nederlandse pers die betrekking hebben op Suriname, Surinamers en Surinaamse zaken. Waterkant.Net selecteert voor u een aantal berichten en verwijst u verder naar de website waar het bericht gevonden is. Waar mogelijk is de bron en de auteur vermeldt. Het copyright op deze berichten berust steeds bij de vermelde media.